*
iedere woensdag om 21.15 uur op NPO 2

Vissers voeren actie tegen teruggooiverbod

Leestijd: 3 minuten

Vissers voerden afgelopen zaterdag actie in Rotterdam tegen het visserijbeleid van de Europese Unie. Die wil dat te kleine vissen in bepaalde gebieden meegenomen worden door de vissers. Normaal wordt deze bijvangst in zee teruggegooid.

High grading
Vissers gooien de bijvangst terug in zee als de vangst geen of weinig waarde heeft, bijvoorbeeld zeesterren (worden niet gegeten). Als de vangst beschadigd is. Als de vangst volgens de regelgeving niet aangeland mag worden, bijvoorbeeld als een visser geen vangstrecht heeft voor de betreffende vis of de vis kleiner is dan de minimummaat die is gesteld. Soms gooien vissers bepaalde maten vis terug omdat andere maten interessanter zijn, die meer geld opbrengen, zeker bij een knellend quotum. Dit wordt high-grading genoemd en is verboden. Zie het fragment uit de ZEMBLA uitzending 'Wild west op zee'.

Gefaseerd ingevoerd
Tussen 1 januari 2016 en 1 januari 2019 wordt de aanlandplicht gefaseerd ingevoerd in de bodemvisserij. De aanlandplicht geldt alleen voor de zogenaamde doelsoorten. Voor de Nederlandse platvis vissers op de Noordzee gaat het dan over schol en tong.  Alle gevangen zeevis moet voortaan aan land komen in de EU, ook onverkoopbare of ondermaatse vis of vis waarvoor de visser geen quotum heeft. Het besluit stamt uit 2013 en moet voor alle visserijsoorten zijn ingevoerd op 1 januari 2019.  Doelstelling is de bijvangst met 35 procent te hebben verminderd ten opzichte van 2010. Tussen 2010 en 2013 namen de bijvangsten overigens al met 10 procent af. Dat is te danken aan inkrimping van de kottervloot, omschakeling van een aantal kotters op visserij met grotere mazen en de opkomst van de zogeheten pulsvisserij (elektrisch vissen).

Uitzonderingsregels
In de huidige regelgeving is een aantal uitzonderingsregels op de aanlandplicht opgenomen: vis waarvoor een vangstverbod geldt, het gaat hier bijvoorbeeld om bedreigde haaien- en roggensoorten. Deze soorten moeten nog steeds zo snel mogelijk en ongedeerd overboord gezet worden. Vis met een hoge overlevingskans: hoeven niet te worden aangeland. Vis waarvoor een vrijstelling geldt: in de Europese discardsplannen is voor bepaalde visserijen waarvan is gebleken dat het moeilijk is een grotere selectiviteit te bereiken, of waarvoor geldt dat er onevenredig hoge kosten gemoeid zijn met de aanlanding van ongewenste vangsten een “de-minimis” vrijstelling opgenomen. Vis die door predatoren toegebrachte schade vertoont: incidenteel gevangen vissen die zijn aangevreten door bijvoorbeeld zeehonden, roofvissen of vogels moeten worden teruggegooid.

Protest
De visserijsector protesteert tegen de Europese maatregelen. In de Volkskrant zegt Pim de Visser van visserijorganisatie VisNed: ‘De vangst van een onbelangrijke vissoort kan de hele visserij smoren. Als tongvissers bijvoorbeeld iets te veel tarbot als bijvangst aan land brengen, meer dan hun tarbot quotum, kan om die reden de hele visvloot aan de kant worden gelegd’, denkt hij. ‘En een tongvisser kan niet vermijden dat hij af en toe tarbot vangt.’

Voorzitter Job Schot van vissersorganisatie Eendracht Maakt Kracht: ‘De visjes gaan dood en zo gaat er een generatie verloren. Bovendien hebben we geen ruimte aan boord voor bijvangst.’ Hij stelt dat de zogenoemde aanlandplicht de Nederlandse vissers tussen 8 en 10 miljoen euro per jaar kost.

Deze week worden de gesprekken tussen overheid en sector opgestart. In oktober wordt nog een petitie aan de Tweede Kamer aangeboden en daarna ook nog een in Brussel.