*
iedere donderdag om 21.10 uur op NPO 2

Nieuwe belofte aan Irak

Leestijd: 3 minuten

Aan het einde van de vorige Golfoorlog riepen de Amerikanen het Irakese volk op om in opstand te komen tegen Saddam Hoessein. Dat deden ze, maar vervolgens werden de opstandelingen in de steek gelaten en door Hoesseins troepen massaal vermoord. Gevluchte Irakezen in Nederland vertellen over hun frustraties van toen en de verwachtingen die ze nu hebben in de Zembla-aflevering 'Nieuwe belofte aan Irak'.

Bekijk ook het interview met Saddam Hoessein

In 1991 riep Bush sr. het Irakese volk op in het geweer te komen tegen hun leider. De Amerikanen zouden de opstand steunen en Irak bevrijden. Met honderdduizenden gingen de Irakezen de straat op. Eerst in het sji'ietische zuiden, daarna in het Koerdische noorden. Maar in het heetst van de strijd lieten de Amerikanen het afweten en zette Saddam gevechtshelikopters in tegen zijn eigen volk. Gevluchte opstandelingen vertellen in Zembla over wat zij tijdens die opstand meemaakten.

Stenen
Met gemengde gevoelens bekijken de zeventigduizend Irakezen in Nederland de nieuwe aanval op hun geboorteland. De meeste Koerden hopen dat hun land zo snel mogelijk wordt bevrijd, maar willen van de Amerikanen wel garanties voor een zekere autonomie. Een uit het zuiden van Irak afkomstige vluchteling ziet zijn voorspelling uitkomen dat de Amerikanen bij binnenkomst niet op een onthaal met bloemen moeten rekenen: "Stenen zullen ze krijgen." .

Sancties
Toen de Amerikanen zich terugtrokken uit Irak, maar Saddam lieten zitten, moesten economische sancties voorkomen dat hij (nog meer) massavernietigingswapens zou produceren. Of de sancties effectief zijn geweest, is tot op de dag van vandaag niet duidelijk. Wél is bekend dat vooral de bevolking zwaar is getroffen. De sancties hebben naar schatting aan 700.000 Irakezen het leven gekost.

Genocide
Twee jaar na zijn pensionering kwam ook VN-ambassadeur Peter van Walsum tot de conclusie dat het regime van Saddam Hoessein in 1991 had moeten verdwijnen. Als voorzitter van het sanctiecomité was hij echter doof voor kritiek. In Zembla verklaart hij zijn standpunt, gevolgd door een boze reactie van Denis Halliday die van 1997 tot 1999 verantwoordelijk was voor het Food for Oil-programma.

Dat programma was bedacht om het leed van het Irakese volk te verlichten, maar was zo weinig effectief dat Halliday uit frustratie ontslag nam. Halliday vindt nu dat Van Walsum aangeklaagd zou moeten worden voor genocide op de bevolking van Irak: "Samen met Bush sr. en al die anderen die kinderen lieten sterven door ze voedsel, vaccinaties en medicijnen te onthouden."

De komst van de Amerikanen en Britten in Irak heeft nog weinig zichtbare enthousiaste reacties van de bevolking opgeleverd. Volgens de gevluchte Irakezen in Nederland is dat na de gebeurtenissen in 1991 en de daarop volgende sancties wel verklaarbaar. Zij gaan in Zembla ook in op een aantal mogelijke scenario's met betrekking tot de toekomst van Irak na de oorlog.