*
iedere donderdag om 21.10 uur op NPO 2

Giftige tegels in de speeltuin

Leestijd: 3 minuten

Het rubbergranulaat dat van oude autobanden wordt gemaakt, ligt niet alleen op kunstgras voetbalvelden. Er worden ook valdempingstegels van gemaakt, zoals de zwarte tegels die je vaak onder speeltoestellen voor kinderen ziet liggen. Is dat eigenlijk wel veilig?

Stinkende tegels
In 2014 werd er bij de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) een klacht ingediend over stinkende rubberen tegels op een kinderspeelplaats in Amersfoort. Uit onderzoek van het RIVM bleek vervolgens dat er een extreem hoge waarde aan polycyclische aromatische koolwaterstoffen (PAK’s) in de tegels zat. Deze stoffen zijn kankerverwekkend. De EU kondigde in 2013 al aan dat voor acht soorten kankerverwekkende PAK’s een maximum van 0,5 milligram per kilo voor rubber speelgoedartikelen zou gaan gelden. Maar in de tegels van de speelplaats in Amersfoort zat 1.400 milligram per kilo, veel meer dan volgens deze ‘REACH-norm’ (de Europese verordening over de productie van en handel in chemische stoffen) was toegestaan.

'Verwaarloosbaar risico'
Het RIVM onderzocht ook 21 andere rubbertegels voor speelplaatsen. In twaalf daarvan bleken een of meer van de acht gevaarlijke PAK’s te zitten, met een waarde van vier tot zelfs veertig keer boven de REACH-norm. De NVWA concludeerde dat de tegels uit Amersfoort een extreme uitzondering waren en dat andere tegels een ‘verwaarloosbaar risico’ opleverden. Ondanks de opvallende afwijkingen vond de NVWA de nieuwe REACH-norm ‘voldoende adequaat om de gezondheid van de spelende kinderen te beschermen.’ Het is overigens niet zo dat tegels die vóór het ingaan van de nieuwe normen zijn gelegd en te hoge PAK’s-waarden hebben, moeten worden vernieuwd. Die tegels mogen gewoon blijven liggen, de regeling werkt niet met terugwerkende kracht.

De macht van de lobby
Voordat de REACH-regeling in december 2015 inging, werd door de autobandenbranche een lobby gevoerd om voor het rubbergranulaat voor kunstgrasvelden een uitzonderingspositie te krijgen. Zoals de uitzending ‘Gevaarlijk spel’ aantoont, was deze lobby succesvol: rubbergranulaat hoefde niet aan de strengere normen te voldoen. De Nederlandse brancheorganisatie VACO speelde een belangrijke rol in deze lobby. Uit een e-mail die een medewerker naar ambtenaren van de ministeries van VWS (Volksgezondheid, Welzijn en Sport) en I&M (Infrastructuur en Milieu) stuurde, blijkt dat de lobby ook hoopte dat er voor de valdempingstegels een uitzondering zou komen. Zo schreef de medewerker: ‘Wij stellen het overigens zeer op prijs een en ander ook te realiseren ten behoeve van valdempingstegels’.

Toch nieuw onderzoek
Of de Nederlandse overheid daarna heeft geprobeerd om in de REACH-regeling ook voor de valdempingstegels een uitzondering te maken, is niet bekend. De uitzondering is in ieder geval niet gemaakt. Wel is het RIVM inmiddels begonnen met nieuw onderzoek naar de mogelijke gezondheidsrisico’s van valdempingstegels. Volgens het RIVM is dit onderzoek bedoeld om nog beter dan in 2014 te kijken of de rubbertegels niet gevaarlijk zijn. Toen is in de risicobeoordeling uitgegaan van een blootstellingsperiode van zes maanden. ‘De risicobeoordeling die nu wordt opgesteld, gaat uit van een blootstellingsperiode van vijftien jaar.’ Kennelijk onderzoekt het RIVM dus of de REACH-norm wel streng genoeg is.

'Drie uitkomsten mogelijk'
Maar volgens het ministerie van VWS kan niet gesteld worden dat het RIVM kijkt of de normen wel streng genoeg zijn. 'Als uitkomst van het wetenschappelijk onderzoek dat het RIVM op ons verzoek uitvoert, zijn volgens VWS drie uitkomsten mogelijk. De normen voor PAK’s zijn adequaat, de normen zijn onnodig streng of de normen zijn niet streng genoeg om risico’s voor de volksgezondheid te voorkomen', aldus een woordvoerder. Het resultaat van het RIVM-onderzoek wil het ministerie van VWS ook aan de Europese Commissie ter beschikking stellen ‘met het oog op de evaluatie van de REACH-verordening die in 2017 plaatsvindt’. Op de vraag of er een verband is tussen dit nieuwe onderzoek en de bovengenoemde e-mail van de VACO aan een ambtenaar van VWS wil het ministerie niet reageren.

CC foto: Flickr