*
iedere donderdag om 21.10 uur op NPO 2

Drentse bewoners onderzoeken landbouwgif in bodem en water en vinden 57 middelen

Leestijd: 4 minuten

Honderdzestig bezorgde omwonenden van velden met lelieteelt in Westerveld lieten dertien monsters van de bodem en het oppervlaktewater onderzoeken en vonden giftige stoffen. In tien grond- en gewasmonsters zaten 57 verschillende bestrijdingsmiddelen. De burgers eisen dat de overheid maatregelen neemt.

In het Drentse Westerveld worden op grote schaal lelies geteeld. Daarbij gebruiken de boeren veel bestrijdingsmiddelen. Maar er is nog geen onderzoek naar hoeveel van die middelen achterblijven in de bodem en het oppervlaktewater. Daarom lieten de burgers zelf onderzoek doen.

“Om geld voor het onderzoek te krijgen werd een crowdfundingsactie gestart waarbij binnen een week meer dan 7000 euro gedoneerd werd door honderdzestig mensen. Dit geeft wel aan hoezeer het onderwerp bestrijdingsmiddelen in Westerveld leeft”, zegt het burgerinitiatief ‘Meten = Weten’.

In elke monster zaten bestrijdingsmiddelen
De resultaten van drie watermonsters zijn nog niet binnen. Maar het onderzoek naar de overige tien monsters laten volgens de bewonersgroep zien dat “op alle meetpunten in de gemeente Westerveld een groot aantal verschillende gifstoffen is aangetroffen.” In elk monster zijn meerdere middelen gevonden.

De gemeten concentratie van elk afzonderlijk middel is onder de norm die de EU stelt. “Er is echter sprake van veel middelen en voor een optelsom van middelen en het effect daarvan op de mens bestaan in de EU geen normen”, zeggen de bezorgde burgers.

'We worden omringd door bestrijdingsmiddelen'
Toxicoloog Martin van den Berg heeft het onderzoek dat de burgers financierden bekeken en zegt in een reactie: “We weten al dat er ongelooflijk veel middelen worden gebruikt. Dit onderzoek toont opnieuw aan hoe intensief bestrijdingsmiddelen worden toegepast.  We worden omringd door bestrijdingsmiddelen. Het is een signaal dat we ons ecosysteem aan het overbelasten zijn.”

De teelt van bloemen heeft zich de afgelopen jaren sterk uitgebreid, ook buiten de traditionele Bollenstreek. In Drenthe bijvoorbeeld bedraagt de lelieteelt meer dan 700 hectare. In Westerveld nam de lelieteelt alleen in het afgelopen jaar al met dertig procent toe. En nergens wordt zoveel gif gebruikt als bij de lelies.

Gif in de bollenstreek
Omwonenden van lelievelden in Drenthe, Overijssel, Friesland en Zeeland zijn bezorgd over het vele landbouwgif dat door de bollenboeren wordt gebruikt. Zij klagen over luchtwegproblemen, huiduitslag en brandende ogen en vragen zich af: wat ademen we allemaal in?

De kleine gifdeeltjes kunnen zich kilometers ver verspreiden en neerdalen in de tuinen en huizen. In 2011 in de ZEMBLA-uitzending 'Gif in de bollenstreek' bleek dat de bestrijdingsmiddelen een risico zijn voor de gezondheid van de omwonenden.

Fragment uit 'Gif in de bollenstreek':

In bestrijdingsmiddelen zit zenuwgas
Duidelijk is volgens kinderarts en professor P. Sauer dat het met name effect heeft op kinderen die nog in ontwikkeling zijn: “Bij hele jonge kinderen zorgen deze middelen voor een vertraagde ontwikkeling van de organen en is er ook een effect op hun immuunsysteem. Onderzoek onder boeren heeft aangetoond dat zij een groter risico lopen op aandoeningen aan de hersenen, zoals Parkinson en versnelde dementie. Dat is ook te begrijpen als je kijkt naar de werking van bestrijdingsmiddelen, veel ervan zijn zenuwgiffen. Bollenteelt zou eigenlijk alleen plaats mogen vinden in gebieden waar geen mensen wonen. Een kilometer afstand van menselijke bewoning lijkt me het minimum.”

Lelies met een luchtje
In de vervolguitzending ‘Lelies met een luchtje’ uit 2013 bleek dat er vanuit de overheid weinig gebeurt om burgers te beschermen tegen landbouwgif. ZEMBLA werkt momenteel aan een derde uitzending over de lelieteelt in Nederland.

De bewoners van Westerveld noemen het “onbegrijpelijk dat de gemeente wel grootschalige bollen­teelt toestaat, maar in de afgelopen vijftien jaar geen enkele poging heeft ondernomen om te onderzoeken wat de effecten van deze teelt zijn op de inwoners en de omgeving.”

De bewoners eisen de volgende maatregelen:

  1. “Dat de gemeente Westerveld bij teelten waar veel bestrijdingsmiddelen gebruikt worden wettelijk spuitvrije zones van 100 meter instelt, gemeten vanaf de erfgrenzen van woningen, scholen, campings, biologische bedrijven en drink- / grondwaterbeschermingsgebieden.

  2. Dat de gemeente, de waterschappen en de provincie jaarlijks metingen verrichten naar bestrijdingsmiddelen in oppervlaktewater, in (moes)tuinen en natuurgebieden die grenzen aan percelen met bollen-, pioenrozen- en  lelieteelt. En dat de uitkomsten van dit onderzoek worden voorgelegd aan onafhankelijke deskundigen.”