*
iedere donderdag om 21.10 uur op NPO 2

De Amerikaanse propagandaoorlog

Leestijd: 2 minuten

Amerika en Groot-Brittannië hebben de oorlog tegen Saddam Hoessein gewonnen. De dictator is weg, maar waar zijn de massavernietigingswapens? Alles lijkt erop dat de regering Bush haar volk met leugens en bedrog de oorlog heeft verkocht.

De Zembla-documentaire 'De Amerikaanse propaganda-oorlog' gaat over de marketingstrategie van het Pentagon. In het centrum van Bagdad trekken mariniers een enorm standbeeld van Saddam Hoessein omver. Onder luid gejuich wordt het hoofd bedekt met de Stars and Stripes. Het lijkt een spontane actie, maar in werkelijkheid is de gebeurtenis strak geregisseerd door een reclamebureau dat zich heeft gespecialiseerd in propaganda voor de Amerikaanse regering. De kosten: 7,5 miljoen dollar.

Werkstuk
En dit is slechts een 'onschuldig' staaltje bedrog. Ernstiger zijn de leugens waarmee bijvoorbeeld de minister van Buitenlandse Zaken, Colin Powell, de VN-Veiligheidsraad bestookte. Het rapport waarmee hij de wereld wilde overtuigen van de nucleaire dreiging van Irak, bleek onder meer gebaseerd op een werkstuk van een Iraakse student.

De verwerkte gegevens stamden nog van voor de eerste Golfoorlog. Ook blijft het vreemd dat uitgerekend Colin Powell een videoboodschap van Osama bin Laden in handen kreeg, die volgens de minister de connectie tussen Al Qaida en Irak aantoonde. Critici twijfelen nog steeds aan de echtheid van de tape.

Angst zaaien
Maar voor Bush en bondgenoot Blair ging niets te ver. Ze zetten zelfs helikopters en anti-terreureenheden in om het publiek te beschermen tegen een 'ernstige' terroristische dreiging, die later verzonnen bleek te zijn. De regeringsleiders wilden angst zaaien om de bevolking achter zich te krijgen voor een oorlog tegen Irak.

Patriottisme
Sinds 11 september 2001 ontbreekt het in de Verenigde Staten aan een kritische houding. Nieuwsstations functioneren vooral als doorgeefluik van de regering en ook de oppositie durft geen stelling te nemen tegen Georg W. Bush en zijn adviseurs. Er heerst een sfeer van patriottisme waarin het volk alle leugens voor zoete koek slikt.

Het zijn gouden tijden voor neo-conservatieven als regeringsadviseur Richard Perle en onderminister van Defensie Paul Wolfowitz die hun omstreden toekomstplannen voor Amerika nu veel makkelijker kunnen realiseren. Als zij hun zin krijgen, groeit Amerika uit tot een nog grotere nucleaire macht die, waar ook ter wereld, vijandige regimes 'ter verantwoording' kan gaan roepen.