iedere woensdag om 21.15 uur op NPO 2

Belangenvereniging onderzoekt honderden meldingen bij Veilig Thuis: ‘Er zijn vele misstanden’

Leestijd: 5 minuten

“Er gaan dingen structureel mis. Dit kan zo niet langer”, zegt Vera Hooglugt van de Belangenvereniging voor Intensieve Kindzorg (BVIKZ). De afgelopen twee jaar kreeg BVIKZ honderden zorgwekkende signalen uit het hele land binnen van ouders die te maken kregen met Veilig Thuis - het meldpunt voor kindermishandeling en huiselijk geweld.

De belangenvereniging onderzocht met hulp van artsen, kinderverpleegkundigen en advocaten 362 dossiers. "Een immens zware klus." Volgens Hooglugt geldt voor alle dossiers dat ouders onterecht verdacht worden van kindermishandeling. "Het gaat hier helemaal niet om kinderen die in gevaar zijn. Het gaat om ouders die zeer betrokken zijn en een eigen visie hebben rondom de zorg van hun kind."

'Bij 94 procent lukt het om kindermishandeling te stoppen'

15.000 onderzoeken
Veilig Thuis zegt jaarlijks 85.000 meldingen te krijgen waarvan er uiteindelijk ongeveer 15.000 leiden tot onderzoek. "Slechts in 6 procent van de zaken waarin Veilig Thuis onderzoek doet, gaat Veilig Thuis uiteindelijk door naar de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK). Dat betekent dat het in 94 procent van de gevallen lukt om afspraken met de ouders te maken om de kindermishandeling te stoppen", zo zegt de organisatie in een reactie.

Maar na de melding gaat volgens BVIKZ bij het onderzoek van Veilig Thuis ook veel mis. “Aan de waarheidsvinding schort het heel erg. Informatie die ontlastend is voor ouders die verdacht worden van kindermishandeling wordt terzijde geschoven.” Dat vertrouwensartsen binnen Veilig Thuis niet aan waarheidsvinding doen, bleek ook al uit de verhalen van deskundigen in de ZEMBLA-uitzending 'Verdachte ouders'. 

Promo Verdachte Ouders (bericht gaat verder onder video)

Waarheidsvinding niet aan de orde
De Vereniging Vertrouwensartsen Kindermishandeling reageerde op de uitzending: "Termen als bewijs, beschuldiging en waarheidsvinding zijn hierbij (*het onderzoek naar meldingen van kindermishandeling en huiselijk geweld, red.) niet aan de orde; deze termen zijn voorbehouden aan het strafrecht. Veilig Thuis doet een veiligheidsonderzoek door middel van het verifiëren van feiten bij de betrokkenen en professionals."

'Vertrouwensartsen laten willens en wetens belangrijke informatie achterwege'

Deskundigen als hoogleraar Peter van Koppen noemden het ‘heel idioot’ om waarheidsvinding volledig achter je te laten. Los daarvan gaat het verifiëren van feiten bij betrokkenen en professionals ook niet goed, zo blijkt uit het onderzoek van BVIKZ: "Vertrouwensartsen laten bijvoorbeeld willens en wetens belangrijke informatie achterwege, tijdens het eerste gesprek met de ouders al. Informatie die de ouders meteen al vrijpleit van kindermishandeling, wordt niet genoteerd."

Veilig Thuis wil in gesprek
Het Landelijk Netwerk Veilig Thuis zegt nog niet de kans te hebben gehad het rapport van BVIKZ te lezen en de bevindingen nader te bestuderen. "Vanzelfsprekend zijn wij bereid in gesprek te gaan over zaken waarover ouders, familie over andere betrokkenen aangeven niet blij te zijn over de wijze waarop Veilig Thuis haar werk doet. De BVIKZ heeft op eerdere momenten laten weten een grote hoeveelheid signalen te hebben gekregen van verontrusten ouders, familie en betrokkenen. Alhoewel wij dat signaal zeer serieus nemen, hebben wij slechts in zeer beperkte mate inzicht kunnen krijgen in de door BVIKZ aangedragen dossiers."

Deze week presenteert de belangenvereniging het rapport dat is opgesteld na het bestuderen van de dossiers. De meldingen komen vanuit allerlei organisaties en personen, vertelt Hooglugt. "Er wordt gemeld door consultatiebureaus, scholen, leerplichtambtenaren, kinderartsen, gemeentediensten en ouders in scheiding die de partner beschuldigen."

'Inspectie moet veel inhoudelijker kijken'

Rol inspectie
De belangenvereniging wil dat de inspectie als controlerende instantie een grotere en diepgaandere rol in het hele proces krijgt. Daarbij moet ze veel inhoudelijker kijken, vindt Hooglugt. "Ze kijken nu vooral of een melding snel wordt opgepakt en binnen drie maanden is afgehandeld. Maar ze moeten met alle stappen meekijken. Was het meldingswaardig? Hoe wordt het onderzoek gedaan? Hoe gaan gesprekken met ouders? Is er aan waarheidsvinding gedaan? Dat soort vragen moet de inspectie zich stellen bij het controleren op het functioneren van vertrouwensartsen en onderzoeken van Veilig Thuis."

Veilig Thuis reageert door te zeggen dat er gedreven, competente en deskundige mensen werken bij de organisatie. "Als er twijfel bestaat over het handelen van Veilig Thuis zijn er diverse middelen die ouders, familie en andere betrokkenen kunnen gebruiken om het handelen van Veilig Thuis objectief te laten toetsen. Juridische-, klacht- en tuchtrechtprocedures zijn hier de voorbeelden van. Het werk van Veilig Thuis wordt stelselmatig getoetst door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd. Mocht worden geconstateerd dat Veilig Thuis niet volledig of zorgvuldig genoeg heeft gewerkt, dan wordt daar vanzelfsprekend lering uit getrokken."

Ouders getraumatiseerd
Toch blijkt de impact die Veilig Thuis vaak heeft op mensen volgens de belangenvereniging erg groot. Volgens Hooglugt blijven ouders vaak getraumatiseerd en ontredderd achter na een melding bij Veilig Thuis. Zij kunnen nu nergens terecht, zegt BVIKZ. "Daarom zijn we met meerdere partijen in gesprek om in de toekomst de juiste nazorg te kunnen leveren."

Hooglugt zegt in gesprek te zijn met Kamerleden en het ministerie over de bevindingen van de belangenvereniging. Het is volgens haar een enorm karwei geweest om in twee jaar tijd 362 dossiers van a tot z door te spitten. "Maar zeer noodzakelijk gezien de ernstige situatie in het veld."